Huid en haar

Auteur:
Grunberg, Arnon
Genre:
€ 12,50
Huid en Haar Arnon Grunberg

Mening van het NRC: Aforismen, sick jokes, de ondergang van het onderwijs én van Nederland: Arnon Grunberg biedt dit en nog veel meer in een soms hilarische, toch somber stemmende roman, vindt Elsbeth Etty.

Roland Oberstein, universitair docent economie, gespecialiseerd in de geschiedenis van de bubbel, is vader en gelukkig gescheiden. Zijn vriendin Violet, ontwerpster van damestassen, wordt tot wanhoop gedreven al Oberstein onaangedaan lijkt te zijn door haar overspel en het zelfs wel spannend zegt te vinden. Op een conferentie in Frankfurt over de Holocaust, waar Oberstein een lezing geeft over de economische gevolgen van genocide, ontmoet hij Lea, biografe van kampcommandant Rudolf Hoss. Grunberg schreef een verhaal over pervers plezier, overspel, verboden liefde en machtsmisbruik, met de Amerikaanse en Nederlandse academische wereld en de stedelijke politiek van New York als decor.

'Huid en Haar heb ik snikkend van het lachen gelezen, om de waterval van aforismen en sick jokes, maar ook soms happend naar adem en met het zweet in mijn handen.'

Lees hier de hele recensie van het NRC.

Huid en Haar - Arnon Grunberg

Het wonderkind – of enfant terrible – van de Nederlandse letteren is veertig jaar geworden. Met zijn laatste roman Huid en Haar schreef hij alweer zijn tiende roman. The Life & Times van een schrijver met sterrenstatus: ‘Ik heb altijd heel sterk het gevoel gehad dat ik mijn ouders iets te bewijzen heb. Dat ik géén mislukking ben.’

Wat zou de zestienjarige Arnon Grunberg van de (bijna) veertigjarige Arnon Grunberg vinden? Wat is zijn eerste reactie?
‘Verbazing. De zestienjarige Arnon wilde acteur worden. Hij had verwacht dat de veertigjarige Arnon een geregeld leven zou hebben, een gezin met twee of drie kinderen. Met als woonplaats Amsterdam, misschien Berlijn, maar zeker niet New York. Er is veel veranderd, maar er is ook veel níet veranderd. Net als hij vind ik het prettig aan de zijlijn te staan, afstand te bewaren.’

‘Bij ons rook het naar Zyklon B in plaats van naar spruitjes,’ schreef je in jouw debuutroman Blauwe maandagen. Wat drukt dat zinnetje uit?
‘Toevallig raakte ik vanmiddag met iemand in discussie of je de oorlog als metafoor mag gebruiken. Bij ons thuis gebeurde dat heel vaak. Als ik luidruchtig de kamer inkwam, zei mijn vader: “Je komt binnen als de Gestapo.” Hij vond dat mijn moeder het aanrecht beter moest opruimen: “Je hebt een keuken als in Westerbork.” Zulke uitspraken waren voor mij niet vreemd; ik wist niet beter. Mijn moeder heeft Auschwitz overleefd. Mijn vader had op tientallen plaatsen ondergedoken gezeten. Maar ze vertelden nooit direct over wat ze hadden meegemaakt. Zo was de oorlog voor mij heel concreet, maar ook heel ver weg. Het was iets mysterieus.
‘Kinderen, nakomelingen, waren zeer belangrijk. Ik heb een acht jaar oudere zus. Na haar kreeg mijn moeder negen miskramen en eindelijk, eindelijk kwam ik. Mijn ouders waren superblij met mij. Ik moest dokter of advocaat worden! Maar bij zulke hoge verwachtingen stel je al gauw teleur. Eigenlijk kon ik alleen maar falen. Dat klinkt allemaal heel gruwelijk, maar je leert ermee omgaan. Het is erger als een ouder geen enkele verwachting heeft van zijn kind. Dan is dit toch nog complimenteuzer.’

Klik hier voor het gehele interview met Arnon Grunberg.

""

Recensies

Er zijn nog geen recensies aanwezig.